dinsdag 31 januari 2012

Profetie

Dit is mijn vierde en laatste post over 1 Korintiers 14:1, Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van profetie. 'Vooral naar die van profetie...' hoe kunnen we dat vandaag in vredesnaam praktisch toepassen?

Al zouden we helemaal niets weten over de gaven van de Geest zoals ze in 1 Korintiers 12 worden genoemd, dan kunnen we uit bovenstaand vers leren dat we in elk geval moeten streven naar de gave van profetie. Dit is een gave die de gelovige ertoe in staat stelt om een openbaringswoord van God (die in de hemel is) onder aansporing van de Heilige Geest (die in  ons woont) te delen. Dat woord is dus niet een thuis voorbereid preekje of het voorspellen van de toekomst. Profetie is het proclameren van Gods wil en het oproepen en bemoedigen van de gelovigen tot rechtvaardigheid, trouw en volharding.

Over profetie en profeten bestaan veel misvattingen en fabels, ik heb even wat basis informatie op een rijtje gezet en hoop dat dat helpt:
  • Het uiten van profetische woorden is nu iets dat iedere gelovige mag en kan doen (Handelingen 2:17)
  • De gave van profetie wordt uitgedeeld zoals God dat wil (1 Korintiers 12:10-11), maar we moeten het wel nastreven (1 Korintiers 14:1)
  • De aanstelling als profeet voor de opbouw van de gemeente gebeurt door God zelf (Efeziers 4:11)
  • Profetische woorden in deze tijd zijn niet langer onfeilbaar (in tegenstelling tot het OT), daarom moeten de woorden altijd worden getest (1 Korintiers 14:29 en 1 Thessalonicenzen 5:20-21)
  • Profeteren is een kwestie van het verstand gebruiken. Eerlijk gezegd is het een van de weinige keren (misschien wel de enige keer) dat de bijbel zegt dat we onze geest ondergeschikt moeten maken (1 Korintiers 14:32)
Hoe testen we een profetisch woord? Om te beginnen moeten we onszelf altijd afvragen of de boodschap in overeenstemming is met het Woord van God, of het een Bijbelse levensstijl promoot en of het uitgesproken is door iemand die serieus leeft onder de leiding van de Here Jezus.

Hoe streven we naar de gave van profetie? Ik denk in de eerste plaats door er om te vragen in gebed en door te bestuderen wat de Bijbel er over zegt. God heeft er altijd naar verlangd en verlangt er nog steeds naar om door mensen zoals jij en ik heen te spreken. Door Zijn opgeschreven Woord... maar ook LIVE!

zaterdag 28 januari 2012

Een ongewoon streven

Dit is alweer de derde post over het eerste vers in 1 Korintiers 14. Een vers waar zoveel dingen in staan om over na te denken: Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de geest, vooral naar die van profetie.

'Streef naar de gaven van de Geest'... Gek genoeg valt bij mij het woordje 'streven' een beetje verkeerd. Het doet me denken aan streverige types, van die mensen die hun agenda dwars door alles heen willen doordrukken, die niets of niemand uit de weg gaan om hun doel te bereiken. Maar misschien is dat een te negatief beeld, het Dikke van Dale woordenboek zegt: stre·ven streefde, h gestreefd (met naar) met inspanning proberen.

Met inspanning proberen, dat klinkt al wat vriendelijker, toch? Waarom zou Paulus ons als gelovigen oproepen om te streven naar de gaven van de Geest? Een gave is toch iets wat je ontvangt, daar kan je toch niet je best voor doen? Als mensen streven we misschien (stiekem) naar van alles en nog wat, maar eerlijk gezegd kom ik maar zelden mensen tegen die streven naar de gaven van de Geest. Ik denk dat Paulus het ten eerste zegt om terug te komen op zijn eerdere uitspraak in 1 Korintiers 12:1, Wat nu de geestelijke gaven betreft, broeders, wil ik niet dat u onwetend bent. Het is NIET de bedoeling dat we onwetend zijn als het over deze dingen gaat! Waarom niet? Omdat de gaven van de Geest tot opbouw van de gemeente moeten worden gebruikt. Als we hierover onwetend zijn, hoe kunnen we dan de gemeente opbouwen? Het is toch geen wonder dat we kerken af zien brokkelen, dat er weinig kracht is, dat er nauwelijks wonderen gebeuren? Dat ligt niet aan God, dat ligt aan ons... want maar al te vaak zijn we onwetend.

Als je het verlangen hebt om de gemeente, het lichaam van de Here Jezus op aarde, te dienen en op te bouwen, aarzel dan niet: lees wat de Bijbel te zeggen heeft over de gaven van de Geest, doe het vers voor vers en haast je niet. Praat er met iemand over die hier ook mee bezig is, lees er een goed boek over dat je naast de Bijbel kunt leggen en bovenal: vraag de Heilige Geest om uitleg, die is tenslotte je leraar!

Maar de Trooster, de Heilige Geest, Die de Vader zenden zal in Mijn Naam, die zal u in alles onderwijzen en u in herinnering brengen alles wat Ik u gezegd heb (Johannes 14:26)

maandag 23 januari 2012

De Weg

Vorige week ben ik begonnen met het uit het elkaar pluizen van onderstaande tekst gezien in de context van de omringende hoofdstukken. Waarom? Omdat er zoveel meer staat dan we in eerste instantie denken te lezen.

Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van de profetie.
[1 Korintiers 14:1]

Paulus geeft hier een duidelijke opdracht aan de gelovigen: jaag de liefde na. In het engels staat er 'follow the way of love'. Hij doelt daarbij op de woorden die hij schreef voorafgaande aan 1 Korintiers 13, Maar eerst wijs ik u een weg die nog voortreffelijker is. Die weg, is de weg van de liefde. Het woord WEG dat hier wordt gebruikt wordt is hetzelfde woord dat Jezus gebruikt om aan te geven wie hij is: Ik ben de weg, de waarheid en het leven (Johannes 14:6). In het Grieks is dat het woord hodos. De weg van de liefde is de weg van Jezus en dus niet een weg (een manier) die we zelf verzinnen of die ons het beste lijkt. De weg van de liefde is leven zoals Jezus leefde; in dienstbaarheid, nederigheid, wijsheid, genade en liefde. Dat is niet de makkelijkste weg, maar wel een voortreffelijke weg.

Het is interessant om te weten dat de volgelingen van Jezus in het boek Handelingen letterlijk 'aanhangers van de Weg' werden genoemd (zie bijv. Handelingen 9:2). Weer datzelfde griekse woord hodos. Als we denken aan de smalle weg die we als gelovigen moeten volgen, denken we meestal aan een weg met obstakels en moeilijkheden, een weg waarop je niets mag en alles moet, een weg die helemaal niet leuk is. Maar eigenlijk wordt met die weg het pad van de liefde bedoeld, goddelijke liefde waarvan de kenmerken duidelijk door Paulus worden opgesomd.

Ik zou zo graag willen dat we ook nu nog bekend zouden staan als aanhangers van de Weg. Weg met een hoofdletter, omdat het een voortreffelijke weg is!

donderdag 19 januari 2012

Een nobel streven

Schilderij: Yvonne Nederend
Zoals uit m'n vorige post blijkt ben ik aan het lezen in het boek dat de apostel Paulus schreef aan de gelovigen in Corinthie, Griekenland. Vanmorgen kwam ik niet verder dan het lezen van 1 vers. Tsja, dat gebeurt wel eens hoor :) Ik lees zo'n vers dan een paar keer woord voor woord door en ontdek langzaam maar zeker dat er een schat  achter die woorden zit. Lees maar eens mee als je wilt:

Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van de profetie.
[1 Korintiers 14:1]

Vandaag wil ik alleen maar stilstaan bij het eerste gedeelte: jaag de liefde na. In het engels staat er 'follow the way of love'. Paulus verwijst hier naar de woorden die aan het 13e hoofdstuk vooraf gaan: Maar eerst wijs ik u een weg die nog voortreffelijker is. Die weg is de weg van de liefde. Wat betekent dat eigenlijk, jaag de liefde na? Als je het 13e hoofdstuk leest zie je dat daar de kenmerken van goddelijke liefde op een rijtje worden gezet. Dat is heel handig van Paulus, want dan weten we tenminste wat we moeten najagen. Liefde najagen (in bijbelse zin) betekent dus dat we moeten leren om

  • geduldig te zijn
  • vol goedheid
  • niet afgunstig
  • niet ijdel
  • niet zelfgenoegzaam
  • niet grof
  • niet zelfzuchtig
  • niet boos
  • het kwade niet aanrekenend
Het betekent ook dat we ons niet verheugen over onrecht maar vreugde vinden in de waarheid. Liefde najagen betekent dat we moeten leren om te verdragen, te geloven, te hopen en te volharden. Ik heb weer genoeg stof tot nadenken vandaag, jullie hopelijk ook! In een volgende post ga ik verder met het ontleden van dit vers, tot dan.

PS: Het schilderij van Yvonne kun je zien op haar weblog Creative Worship.


maandag 16 januari 2012

Kerkje spelen

De kerk zoals wij haar kennen is in de problemen. Niet vanwege vervolging of oorlog, maar omdat we er een zooitje van hebben gemaakt en steeds vergeten het Boek te lezen. Er is geruzie, jaloezie, scheuring, misbruik en corruptie, als je de kranten moet geloven. De media smult ervan en Jezus huilt. Dat moet wel, want de kerk was Zijn idee.

De kerk als het lichaam van Christus, die nu in de hemel is, op aarde. Wat een briljant idee. Zijn werk kan gewoon doorgaan: we gaan rond genezende, goed doende en liefhebbend. Althans... dat was het plan voor zijn aanstaande bruid, oftewel de kerk. Waar is het mis gegaan vraag je je af? We weten inmiddels allemaal wel dat de kerk niet een gebouw is, maar een groep gelovigen die bij elkaar komt. We weten veelal niet hoe we dan bij elkaar moeten komen en wat we dan eigenlijk moeten doen. Natuurlijk, we hebben meestal best een strak schema waar we ons allemaal netjes aan houden, we hebben een programma voor dit, een liturgie voor dat, een formulier voor het ene en een afspraak over het andere. We hebben ochtend en avond diensten, gezamelijke diensten, jeugddiensten en themadiensten. Noem het maar op en het bestaat en anders verzinnen we wel wat.

Ik ben momenteel 1 Korintiers 12 aan het lezen en toen ik bij vers 28 aankwam moest ik toch eens even diep nadenken over de opzet van onze kerken. Wanneer is iets nou eigenlijk een kerk? Moet er een dominee zijn, oudsten, een aanbiddingsleider of organist? Kinderwerkers, diakenen en groeters? Oh ja, en natuurlijk toeschouwers, anders sta je een beetje voor aap met zo'n hele organisatie... Volgens Paulus zouden de volgende mensen bij elkaar kerk zijn:
  • God heeft in de gemeente aan allerlei mensen een plaats gegeven: ten eerste aan apostelen,
  • ten tweede aan profeten
  • en ten derde aan leraren.
  • Dan is er het vermogen om wonderen te verrichten,
  • de gave om te genezen
  • en het vermogen om bijstand te verlenen,
  • leiding te geven
  • of in klanktaal te spreken.
Hhmm... wanneer zat jij voor het laatst naast iemand die het vermogen had om wonderen te verrichten? Laten we eerlijk zijn, als iemand dat zou beweren zouden we de kerkenraad erbij roepen en de persoon in kwestie stevig aan de tand voelen of naar huis sturen. Ik vraag me dan af, als God aan allerlei mensen een plaats (taak) geeft, waar zijn al die mensen dan die hier worden genoemd? Waarom zien we die niet in de kerk, waarom zoeken we niet naar zulke mensen, maar zijn we soms wel jaren bezig om een dominee te beroepen die misschien niets van deze taken heeft? 

De Bijbel zegt nog veel meer over gaven en bedieningen, maar hier noemt Paulus heel duidelijk 8 plaatsen binnen de kerk die opgevuld moeten worden door mensen zoals jij en ik. Ik probeer me voor te stellen wat er gaat gebeuren als we zo bij elkaar zouden komen... wow!

woensdag 11 januari 2012

Dagelijks brood of meer?

In de afgelopen jaren heb ik in januari steeds een motto of bijbeltekst gekozen om verder over na te denken, meer over te leren en toe te passen in mijn leven. Van de week bezochtt ik Lynn Mosher's blog Heading Home en zag dat zij een woord had gekozen... 1 woord ja. Dat vond ik fascinerend! 

Eerlijk gezegd had ik me voorgenomen het dit jaar maar eens te laten gaan, maar vanmorgen kwamen er toch twee woorden in me op, woorden waar ik al weken mee bezig ben: dagelijks brood. En ja, ik ga er toch mee aan de slag, wil letterlijk, geestelijk en figuurlijk meer leren over ons dagelijks brood.

Waar gaat dat eigenlijk over: dagelijks brood? Toen Jezus zijn discipelen leerde hoe ze bidden moesten, leerde Hij hen tegelijkertijd belangrijke Koninkrijksprincipes. Geef ons heden ons dagelijks brood (Mattheus 6:11) is geen vraag, maar een proclamatie. Hij leerde hen op die manier te vertrouwen op Gods dagelijkse voorziening. Voor de meeste mensen in het Westen is dagelijks brood niet iets waar we ons druk om maken, we gaan naar de bakker en kopen het. Als kind vond ik het altijd raar om te bidden voor iets dat al op je bord lag. Helaas hebben die woorden van Jezus dus voor veel mensen, tenzij je honger lijdt, aan betekenis verloren.

Maar dagelijks brood is natuurlijk meer dan alleen een boterham, het is Gods Woord en ook dagelijkse voorziening in onze noden. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de neiging heb voor meer te bidden dan Gods dagelijkse voorziening, ik heb de neiging te bidden voor de dingen van volgende week en volgende maand. Ik loop vaak op God vooruit en dat is de reden dat ik wil leren Hem te vertrouwen op een dagelijkse basis en te bidden voor die dingen waar ik die dag hulp bij nodig heb (genezing, wijsheid, geduld, doorzettingsvermogen, financien etc. ) en niet vooruit te lopen op de dingen die ik denk nodig te hebben. In Spreuken 30:8 staat, Houd valsheid en leugentaal ver van mij. Geef mij geen armoede of rijkdom, voorzie mij van mijn toegewezen deel aan brood. Dagelijks brood staat er in het engels. Wat een wijsheid in die aloude woorden. Heb jij geleerd Hem te vertrouwen op een dagelijkse basis?

Ik ben het brood dat leven geeft, zei Jezus. Wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij gelooft zal nooit meer dorst hebben. (Johannes 6:35)

zaterdag 7 januari 2012

woensdag 4 januari 2012

Wat je zegt ben je zelf!

Graag wil ik het nieuwe jaar beginnen met een gouwe ouwe, een column zoals die eerder verscheen in Opwekking Magazine. Hopelijk inspireert het jullie om 2012 met goede moed in te gaan!

Er is hier in de USA een programma op televisie dat de biggest loser heet. Het is de zoveelste afgezaagde variatie op het afvalrace principe, je begint met z’n tienen en er blijft er maar eentje over die de prijs in de wacht sleept. In de biggest loser moet een groep extreem dikke mensen proberen zoveel mogelijk gewicht te verliezen. De titel van het programma is een woordspeling, het slaat op het verliezen van gewicht maar tegelijkertijd ook op het verliezen van een wedstrijd. Ik heb me regelmatig afgevraagd of het wel leuk is om de titel ‘biggest loser’ te dragen, ook al gaat het hier om gewichtsverlies, zo’n naam wil je jezelf toch niet toe eigenen? Want wat je zegt ben je zelf....

Wat je zegt ben je zelf, woorden die we in mijn schooltijd als pesterij gebruikten. Misschien gebeurt dat nog wel, ik weet het niet, maar bij nader inzien is het eigenlijk een rare pesterij. Bijbels gezien is het namelijk heel normaal om iets over jezelf te zeggen, om je identiteit uit te spreken. Het mooiste voorbeeld komt namelijk van de Allerhoogste zelf. Hij zij: Ik ben die Ik ben. Daar valt geen speld tussen te krijgen. Hoe heeft Hij het verzonnen he? Zijn woorden lijken ten grondslag te liggen aan ons gezegde, wat je zegt ben je zelf! God gaf Mozes de verzekering dat Hij zijn Naam altijd eer aan zou doen. Ik ben wie Ik zeg dat Ik ben, met andere woorden; Ik lieg niet en Ik verander niet!

De Bijbel leert ons verder dat mensen ieder op hun eigen manier, en afhankelijk van hun omstandigheden, met dergelijke proclamatie omgingen. David bijvoorbeeld had het best wel eens moeilijk met wie hij was, ondanks zijn levendige relatie met God. Hij verklaarde zichzelf de ene dag een worm en de andere dag een koning. Job en Jeremia hadden er trouwens ook een handje van om de meest vreselijke dingen over zichzelf uit te roepen en vervolgens, als ze enigzins gekalmeerd waren na zo’n tirade, de Heer te prijzen. Het was uiteindelijk de Here Jezus zelf die het nut en de kracht van postitieve proclamatie als geen ander begreep en toepaste. Hij drukte de veelzijdigheid van Zijn goddelijke karakter steeds in andere vergelijkingen uit. Ik ben het licht van de wereld, ik ben de weg, de waarheid en het leven, ik ben het brood des levens, ik ben de ware wijnstok en ga zo maar door. Hij bevestigde steeds weer zijn identiteit als de Zoon van God en de Zoon van mensen en handelde er ook naar. 

Zeggen wie of wat je bent is helemaal niet negatief als we het doen zoals het veelal in het Nieuwe Testament wordt gebruikt. Paulus deed het bijvoorbeeld steeds als hij zijn brieven schreef, ik ben Paulus, dienaar van Christus, apostel van Jezus, gevangene... Vaak voegde hij daar ook aan toe, ik ben geroepen, ik ben gezonden, ik ben uitgekozen. Hij was zich altijd bewust van zijn positie in Christus en van zijn taak op aarde, zelfs als de omstandigheden hem zwaar op de maag lagen. Misschien juist wel omdat hij het steeds weer Gods beloftes over zichzelf uitsprak.

Mag ik eens vragen wat jouw proclamatie is? Heb je jezelf misschien een negatief stempel gegeven? Ik ben een loser, ik ben een mislukkeling, ik ben zo onzeker, ik ben zoekend... Soms spreken we die woorden onbewust over onzelf uit, steeds weer. Wat je zegt ben je zelf! Laten we ons best doen om het voorbeeld van de Here Jezus en de eerste apostelen te volgen en datgene uit te spreken wat ons verbindt met onze Vader in de Hemel. Petrus geeft daar ook prachtige voorbeelden van. In zijn eerste brief bijvoorbeeld schrijft hij aan de uitverkorenen en bestempelt hen als voorbestemd, geheiligd door de Geest, en gehoorzaam aan Jezus Christus. Dat zijn nog eens krachtige dingen die we over onszelf mogen uitspreken!