Posts tonen met het label tempel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tempel. Alle posts tonen

woensdag 30 augustus 2023

Gods aanwezigheid, een ontsnapping aan de chaos

Voortdurend lawaai

Ben je weleens in een hele drukke stad geweest waar het verkeer voortdurend voorbij vliegt, waar de trottoirs overvol zijn en waar voortdurend lawaai is?

Ik ben samen met mijn man in veel van dergelijke steden over de hele wereld geweest. Van New York tot Calcutta, van Mexico-Stad tot Caïro en van Kuala Lumpur tot Santiago de Chili.

Verandering van omgeving

Om aan de chaos te ontsnappen gingen we vaak een kerk binnen, zelfs in de tijd dat we niet echt op zoek waren naar God. De verandering van omgeving en sfeer als we een kerk of kathedraal binnenstapten was vaak dramatisch. Slechts één stap bracht ons van totale chaos naar serene stilte. Wonderlijk.

Koninkrijkssfeer

Ik heb eens ergens gelezen dat de architecten en bouwers van veel oude kerken en kathedralen doelbewust een Koninkrijkssfeer wilden creëren (in schril contrast met de buitenwereld) waar de vrede van God heerste en waar schoonheid en kunst de norm waren. Een beetje zoals in Bijbelse tijden toen David schreef:

Heer, het huis waar U woont heb ik lief, de plaats waar uw glorie verblijft.

Dit kun je vinden in Psalm 26;8. Sommige vertalingen zeggen: de tempel, de woning, de tabernakel waar U woont. Ik weet niet wat David in gedachten had, er was toen nog geen tempel. Een heiligdom, een tabernakel... het maakt niet echt uit hoe we het ons voorstellen; het is de plaats waar Zijn glorie is, waar Zijn aanwezigheid woont (verblijft).

Ons lichaam, onze verantwoordelijkheid

Vandaag dacht ik erover na hoe gezegend we zijn om in een tijd en tijdperk te leven waarin Gods aanwezigheid altijd bij ons is... tenminste, als je in Jezus gelooft. Ons lichaam is dan een huis van God (een tempel) waar de Heilige Geest woont. We dragen Hem in ons, waar we ook gaan (1 Korintiërs 6:19). We hoeven niet tot zondag te wachten om Hem te ontmoeten 😁

Dit voorrecht geeft ons ook verantwoordelijkheid. We moeten goed voor onze tempel zorgen, omdat we van God zijn en niet langer van onszelf.

〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰〰

👉In mijn boek 'In My Name' bespreek ik de aanwezigheid van God uitgebreider!

vrijdag 30 oktober 2015

T = Tempel

Op mijn zomervakantieleesplankje staat T voor Tempel.

Een tempel is in de meeste religies een (gebeds)gebouw waarin God of goden vereerd worden. Ook in de Bijbel wordt veel over de tempel in Jeruzalem gesproken, zowel in het Oude als Nieuwe Testament.

Later zijn er over heel de wereld kerken en kathedralen gebouwd met dezelfde achterliggende gedachte: een plaats voor gebed, eredienst, een plaats waar God aanwezig is.

We kunnen God inderdaad 'ervaren' in een tempel of kerk, maar het is niet Zijn verblijfplaats. De Bijbel is daar duidelijk over: Toch woont de Allerhoogste niet in een huis dat door mensenhanden is gemaakt, zoals de profeet zegt: “De hemel is mijn troon, de aarde mijn voetenbank. Hoe zouden jullie dan een huis voor mij kunnen bouwen – zegt de Heer –, een plaats waar ik kan rusten? Heb ik dit alles niet met eigen handen gemaakt?” (Handelingen 7:48-50). 

Inderdaad ja, God kiest ervoor te wonen in een tempel die Hij zelf heeft gemaakt: het menselijk lichaam. Dat is het mooiste gebouw dat er bestaat. Het is een plek door God zelf geschapen, een plek waar Hij heel dicht bij ons kan zijn en wij heel dicht bij Hem. In 2 Korintiërs 6:16 staat het zo: Wijzelf zijn de tempel van de levende God, zoals God heeft gezegd: ‘Ik zal bij hen wonen en in hun midden verkeren, ik zal hun God zijn en zij mijn volk.' Dat is God met ons... Immanuel.

Je hoeft niet ver te zoeken om God dichtbij te ervaren. Nodig Hem uit om bij je te komen wonen!

dinsdag 15 oktober 2013

GEEF jezelf aan God (4)

Oh oh, wat wordt er toch veel geschreven, nagedacht en gedebatteerd over Christen-zijn. Blijkbaar vinden we het als gelovigen moeilijk om onze overtuiging zichtbaar te maken. Kerkgang, opleiding, functies, gaven, dienstbaarheid en ander uiterlijk vertoon worden wederom onder de loep gelegd. En het kan niet anders of we komen dan weer uit bij het kruis op Golgotha. Daar gaf Jezus zich volledig over, Hij legde zijn leven neer om de mensheid de kans te geven zich met God te verzoenen.

Overgave. Wat een prachtig en moeilijk woord, maar het is wel de basis van het christelijk geloof. Onszelf over geven, alles wat we hebben geleerd, alles wat we denken te weten, alles wat we fout hebben gedaan. Overgave is de dageraad van een nieuw leven. God verlangt een volledige overgave van ieder mens. Niet omdat Hij ons perse onder de duim wil houden, maar omdat Hij ieder aspect van ons leven, van ons menszijn, wil vernieuwen, genezen en gebruiken om Zijn werk hier op aarde te doen. Jezelf in dienst stellen zeg Paulus, dat is je hele persoon, je hele wezen, aan Hem aanbieden als werktuig. Volgens de Bijbel is dat geest, ziel en lichaam (1 Thessalonicenzen 5:23).

Het bijbelgedeelte dat aan de basis voor deze blogserie ligt staat in Romeinen 6:12-14, Laat de zonde dus niet heersen over uw sterfelijke bestaan, geef niet toe aan uw begeerten. Stel uzelf niet langer in dienst van de zonde als een werktuig voor het onrecht, maar stel uzelf in dienst van God. Denk aan uzelf als levenden die uit de dood zijn opgewekt en stel uzelf in dienst van God als een werktuig voor de gerechtigheid. De zonde mag niet langer over u heersen, want u staat niet onder de wet, maar leeft onder de genade. (give yourself to God staat er in het engels),

In de vorige blog posts hebben we gezien dat onze geest wordt wedergeboren (een nieuwe schepping) en onze ziel wordt gered (bewaard, behouden). Hoe zit het met ons lichaam? De Bijbel is er duidelijk over, ons aardse lichaam is sterfelijk (Romeinen 6:12 bijvoorbeeld) en zal vergaan. In de meeste kerkelijke kringen wordt het lichaam (ook wel het vlees genoemd) gezien als iets zondigs en dus wordt er liever over allerlei geestelijke zaken nagedacht en gepreekt. Preken over het lichaam zijn niet zo populair. Maar de Bijbel spreekt er veelvuldig over, in heldere, duidelijke taal!

Ik roep u er dan toe op, broeders [en zusters], door de ontfermingen van God, om uw lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk: dat is uw redelijke godsdienst. (Romeinen 12:1). In de NBV staat, 'dat is de ware eredienst voor u'. We moeten ons lichaam als een LEVEND offer aan God wijden/geven. Dat klinkt misschien een beetje zwaar, maar het betekent dat we ons lichaam beschikbaar stellen in zijn dienst... om dingen te doen dus! Om onze handen te laten wapperen en onze voeten voort te bewegen, misschien wel naar plaatsen waar niemand naar toe wil gaan.

De Bijbel waarschuwt tegen verkeerd gebruik van ons lichaam (ontucht, vraatzucht etc.). In 1 Corintiërs 6:19-20 staat, Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, die in u woont en die u ontvangen hebt van God, en weet u niet dat u niet van uzelf bent? U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam.

Bewijs God eer met je lichaam. Wat een vreemde opdracht, hoe doe je zoiets? We hebben veelal geleerd niet te veel aandacht aan het 'vlees' te schenken. Maar....het menselijk lichaam is een tempel waarin de Heilige Geest van God wil wonen. We moeten die tempel schoonhouden, want zeg nou zelf; als wij ontevreden zijn en ons niet happy voelen in ons lichaam, waarom zou de Heilige Geest zich er dan wel thuis voelen? Zorg voor een schoon huis! Geef je verslavingen, slechte gewoontes, pijnen en frustraties aan God en vraag Hem om een vernieuwend werk te doen!

Wij zijn met elkaar het lichaam van Christus op aarde. Als wij niet doen wat Hij deed toen Hij hier op aarde rondliep, hoe kan Zijn naam dan verheerlijkt worden?

vrijdag 17 februari 2012

Gereserveerd

Zoals beloofd, een column uit de oude doos, zoals ik die eerder schreef voor Opwekking Magazine.

'Mevrouw, mevrouw.' Haastig stevende ze op me af, het kaartje om haar nek wapperde als een vlag achter haar aan. 'Organisatie' stond er kortweg op, een simpel woord maar met een diepe betekenis, zo zou blijken. 'Mevrouw, u mag daar niet zitten. Deze plaatsen zijn gereserveerd.' Onthutst keek ik haar aan. Eerlijk gezegd voelde ik me een beetje schuldig, alleen wist ik niet precies waarom.. De dame van de organisatie gebaarde met beide armen en lichtte me verder in, 'al deze rijen zijn gereserveerd voor de leiding.'

Ik moet haar dom hebben aangekeken, want ze voegde er ietwat schoolmeesterachtig aan toe: 'je weet wel, voor leiders, oudsten en voorgangers.' Met het schaamrood op m’n kaken sloop ik zo voorzichtig mogelijk weg, op zoek naar de achterste rij, hopend dat niemand mijn fout had opgemerkt. Uiteindelijk kwam ik helemaal links acher in de zaal terecht, alwaar ik het gebeuren via een televisiescherm braaf kon volgen. Ik moet toegeven dat ik een beetje mokte, eigenlijk had ik net zo goed thuis kunnen blijven. 

Wellicht herken je zo’n situatie. Ruim drie uur van te voren wandel je de conferentiezaal in, je hebt je voorgenomen om recht voor het podium te gaan zitten, dicht bij het vuur zogezegd, want je wil niks missen. Je hebt maanden naar deze dag uitgekeken en de Heer uitbundig gedankt voor de mogelijkheid het evenement bij te wonen. En dan is er ineens dat woord: gereserveerd. Maar niet voor jou. Het lijkt een onschuldige gewoonte te zijn die langzaam de christelijke wereld is ingeslopen. Ik hoor en zie dat woord namelijk in kerken, op conferenties, op gebedsbijeenkomsten, op festivals en seminars. Steevast zijn de beste plaatsen gereserveerd.

Ja, ik moet natuurlijk ook mijn hand in eigen boezem steken en toegeven dat dringen om vooraan te kunnen zitten ook niet echt netjes is, ik had beter moeten weten. Toch word ik er wel eens verdrietig van en vraag ik mij af hoe het zo ver heeft kunnen komen met ons. Hoe is het mogelijk dat we gewoontes hebben ontwikkeld waar Jezus tweeduizend jaar geleden al tegen waarschuwde? In Mattheus 23:6 kunnen we lezen hoe Hij de geestelijk leiders van Zijn tijd beschimpte en ze in het openbaar terechtwees omdat ze altijd de beste plaatsen op feestjes wilde hebben en de belangrijkste stoelen in de synagoge. En wij? Wij zijn niet veranderd, we doen Hem nog steeds verdriet in ons streven om belangrijk te zijn. 

Daar achter in die zaal kreeg ik een goed idee. Wellicht kunnen we in het vervolg de voorste rijen reserveren voor de prostituees, alcholisten en drugsverslaafden. Of zouden die liever achterin zitten? Speelt het ware gebeuren zich misschien juist daar af? Ik stel me zo voor dat Jezus niet met veel bombarie en fanfare met een microfoon in z’n handen het podium opkomt. Ik zie Hem er gerust voor aan door een zijdeurtje naar binnen te sluipen en zich te voegen bij de laatsen. Zo was zijn hele leven, zo begon het al in Bethlehem! Geen voorste rij, maar een voederbak!

maandag 31 januari 2011

Een ongewoon huis

Deel je hart...
Jaren geleden bezochten we tijdens een van onze rondreizen door het Wilde Westen Canyon de Chelly en Mesa Verde National Monuments. We waren heel erg onder de indruk van de zogenaamde cave dwellings, dat zijn huizen die door de Native Americans (Indianen) werden uitgehouwen in de rotsen, een prachtig gezicht! Ik kende het woord 'dwelling' toendertijd niet echt en moest dat later opzoeken in een woordenboek: woning, residentie, huis, adobe...

Meer nog dan dat is het een bijbels woord. De apostel Johannes schreef over de komst van Jezus naar de aarde het volgende: het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond (Johannes 1:14). Honderden jaren eerder riep de Psalmist uit: laat mij altijd wonen in uw tent (Psalm 61:4). In het Oude Testament verlangden de mensen ernaar om in Gods Huis (de reizende tabernakel of tent, en later de tempel in Jeruzalem) te wonen teneinde zo Zijn aanwezigheid te ervaren. Nu is dat precies omgekeerd: God verlangt ernaar om in de mensen te wonen! Wow, wat een wonderlijk iets is dat! De Zoon van God kwam om die reden, om onder te mensen te wonen, om toegang tot onze harten te krijgen en om Zijn residentie in onze aardse lichamen te maken.

In 2 Samuel 7:5 vraagt God aan David of hij misschien de man is die een huis voor Hem wil bouwen om in te wonen. Ik geloof dat God diezelfde vraag vandaag nog steeds stelt. Bouw jij een huis voor mij zodat ik bij je kan wonen? Weet je niet dat je lichaam een tempel is van de Heilige Geest, die in je woont en die je ontvangen hebt van God? (1 Korintiers 6:19-20). Ik hoop dat ons antwoord ja zal zijn! We kunnen God eren met ons lichaam door het een plek te maken waar Hij zich thuis kan voelen.

Het laatste hoofdstuk in mijn boek GRACE OF GIVING gaat over het opofferen van ons lichaam, over het geven van ons lichaam aan God zodat Hij er Zijn woning kan maken. Het gaat mijn verstand te boven dat God in mij wil wonen, maar ik zie het ook als een eer en ik verlang ernaar Hem een schoon en opgeruimd huis aan te bieden waar Hij met plezier wil verblijven. Is dat ook jouw verlangen?

Moge Hij vanuit Zijn rijke luister uw innerlijke wezen kracht en sterkte schenken door zijn Geest, zodat door uw geloof Christus kan gaan wonen in uw hart! (Efeziers 3;16-17).