April was een interessante maand voor ons, we hebben wel tien landen bezocht en de gelegenheid gehad om op vele plaatsen te spreken. In kerken, maar ook tijdens de Europese Teen Challenge conferentie en in diverse rehabilitatiehuizen. Ik heb niet zoveel gelegenheid gehad om hier te bloggen, maar op onze Traveling Light blog valt meer te lezen over de afgelopen weken. We hebben door sneeuw, regen, storm en zinderende hitte gereden. Die wisselende weersomstandigheden deden me denken aan een column die ik jaren geleden schreef, aan het eind van een nat seizoen... Ik wil hem graag met jullie delen :)
"Het was zo’n zwoele zomerdag, heel onverwacht tussen de buien door, zo’n dag waarop je weet dat het toch zomer is. Persoonlijk heb ik ze zo het liefst; lekker plakkerig en loom. Op m’n gemakje fiets ik over de dijk en lach even om de rivier die onbeweeglijk lijkt, alsof ook zij een siesta houdt. Zelfs de vogels houden zich stil, even rust.
Ik neurie een vrijblijvende improvisatie op het thema van één van m’n lievelingsliedjes .... in uw nabijheid is volheid van vreugd ... en dank de Heer voor zo’n mooie dag. Heerlijk, zo’n doordeweekse eredienst op de fiets langs ’s Heren wegen. Als ik niet zing, zingt de polder wel een danklied! Helaas word ik ruw aan dit meditatieve moment onttrokken door een oude bekende die langs de waterkant zit te vissen: ‘Hoi Marja, geniet er maar van hoor, morgen gaat het regenen.’
De wellicht vriendelijk bedoelde woorden verstoren toch ruw mijn blijdschap. 'Sinds wanneer ga jij daarover?', roep ik terug, terwijl ik wat langzamer ga rijden. Ik heb moeite z’n antwoord af te wachten. 'Hoe weet je dat eigenlijk?', doe ik nog een duit in het zakje. De stelligheid waarmee hij de regen voorspelde, is wat afgenomen als hij een beetje blozend bekent zulke dingen van de televisie te weten. Ik draai met m’n ogen en zet m’n pleziertochtje voort; 'Wat weten die daar nou van!' Briesend rijd ik weg.
Pff, Nederlanders en het weerbericht, een gebed zonder einde. Ja, werd er maar gebeden, dan was de zomer vast beter geweest, denk ik schamper. Ik zie voor me hoe miljoenen mensen zich dagelijks om acht uur rond de televisie scharen en met ingehouden adem de voorspelling voor de komende dagen afwachten. Het plannen van bbq’s, feestjes en zelfs vakanties laten we maar al te vaak afhangen van die voorspellingen. De buienradar wordt geraadpleegd voordat we de deur uitgaan, en via de radio worden we per uur op de hoogte gehouden van wat komen gaat. En masse richten we onze ogen op de weermannen en -vrouwen. We praten hen met een rotsvast geloof braaf na en klagen steen en been als het weer anders uitpakt dan voorspeld.
Ik stel voor dat we ons als Christelijk Nederland eens een keer niet om acht uur ’s avonds rond de televisie scharen, maar rond de Bijbel en een mooi stukje uit Job of de Psalmen gaan lezen. Oh, hoe lieflijk kunnen de woorden uit onze mond zijn, jawel, zelfs als het over het weer gaat. In de Bijbel wordt zo duidelijk beschreven wie de Schepper van hemel en aarde is, wie de sleutel heeft tot de voorraadkamers met regen, zon en wind.
Als we Hem nou eens gaan belijden dat we geen idee hebben wat er morgen gebeuren gaat, maar dat we naar een herstel van de seizoenen verlangen (Deuteronomium 11:14). Wellicht kunnen we elkaar ondertussen bemoedigen met de woorden uit Psalm 19. Laten we het gewoon eens proberen en elkaar gaan toeroepen: 'Dit is de dag die de Heer heeft gemaakt (Psalm 118:24). Laten we daarom blij zijn en ons daarover verheugen!'
Ik verwacht een mooi voorjaar!"