Graag wil ik het nieuwe jaar beginnen met een gouwe ouwe, een column zoals die eerder verscheen in
Opwekking Magazine. Hopelijk inspireert het jullie om 2012 met goede moed in te gaan!
Er is hier in de USA een programma op televisie dat de biggest loser heet. Het is de zoveelste afgezaagde variatie op het afvalrace principe, je begint met z’n tienen en er blijft er maar eentje over die de prijs in de wacht sleept. In de biggest loser moet een groep extreem dikke mensen proberen zoveel mogelijk gewicht te verliezen. De titel van het programma is een woordspeling, het slaat op het verliezen van gewicht maar tegelijkertijd ook op het verliezen van een wedstrijd. Ik heb me regelmatig afgevraagd of het wel leuk is om de titel ‘biggest loser’ te dragen, ook al gaat het hier om gewichtsverlies, zo’n naam wil je jezelf toch niet toe eigenen? Want wat je zegt ben je zelf....
Wat je zegt ben je zelf, woorden die we in mijn schooltijd als pesterij gebruikten. Misschien gebeurt dat nog wel, ik weet het niet, maar bij nader inzien is het eigenlijk een rare pesterij. Bijbels gezien is het namelijk heel normaal om iets over jezelf te zeggen, om je identiteit uit te spreken. Het mooiste voorbeeld komt namelijk van de Allerhoogste zelf. Hij zij: Ik ben die Ik ben. Daar valt geen speld tussen te krijgen. Hoe heeft Hij het verzonnen he? Zijn woorden lijken ten grondslag te liggen aan ons gezegde, wat je zegt ben je zelf! God gaf Mozes de verzekering dat Hij zijn Naam altijd eer aan zou doen. Ik ben wie Ik zeg dat Ik ben, met andere woorden; Ik lieg niet en Ik verander niet!
De Bijbel leert ons verder dat mensen ieder op hun eigen manier, en afhankelijk van hun omstandigheden, met dergelijke proclamatie omgingen. David bijvoorbeeld had het best wel eens moeilijk met wie hij was, ondanks zijn levendige relatie met God. Hij verklaarde zichzelf de ene dag een worm en de andere dag een koning. Job en Jeremia hadden er trouwens ook een handje van om de meest vreselijke dingen over zichzelf uit te roepen en vervolgens, als ze enigzins gekalmeerd waren na zo’n tirade, de Heer te prijzen. Het was uiteindelijk de Here Jezus zelf die het nut en de kracht van postitieve proclamatie als geen ander begreep en toepaste. Hij drukte de veelzijdigheid van Zijn goddelijke karakter steeds in andere vergelijkingen uit. Ik ben het licht van de wereld, ik ben de weg, de waarheid en het leven, ik ben het brood des levens, ik ben de ware wijnstok en ga zo maar door. Hij bevestigde steeds weer zijn identiteit als de Zoon van God en de Zoon van mensen en handelde er ook naar.
Zeggen wie of wat je bent is helemaal niet negatief als we het doen zoals het veelal in het Nieuwe Testament wordt gebruikt. Paulus deed het bijvoorbeeld steeds als hij zijn brieven schreef, ik ben Paulus, dienaar van Christus, apostel van Jezus, gevangene... Vaak voegde hij daar ook aan toe, ik ben geroepen, ik ben gezonden, ik ben uitgekozen. Hij was zich altijd bewust van zijn positie in Christus en van zijn taak op aarde, zelfs als de omstandigheden hem zwaar op de maag lagen. Misschien juist wel omdat hij het steeds weer Gods beloftes over zichzelf uitsprak.
Mag ik eens vragen wat jouw proclamatie is? Heb je jezelf misschien een negatief stempel gegeven? Ik ben een loser, ik ben een mislukkeling, ik ben zo onzeker, ik ben zoekend... Soms spreken we die woorden onbewust over onzelf uit, steeds weer. Wat je zegt ben je zelf! Laten we ons best doen om het voorbeeld van de Here Jezus en de eerste apostelen te volgen en datgene uit te spreken wat ons verbindt met onze Vader in de Hemel. Petrus geeft daar ook prachtige voorbeelden van. In zijn eerste brief bijvoorbeeld schrijft hij aan de uitverkorenen en bestempelt hen als voorbestemd, geheiligd door de Geest, en gehoorzaam aan Jezus Christus. Dat zijn nog eens krachtige dingen die we over onszelf mogen uitspreken!